Scholieren planten witte krokussen langs Dodendraad

Dinsdag 2 oktober 2018

Leerlingen van basisschool De Avonturijn in Berg aan de Maas planten op maandag 1 oktober samen met leerlingen van basisschool Driestap uit Maasmechelen witte krokussen langs de Dodendraad bij het veerpont in Berg aan de Maas. Daarmee wordt blijvend aandacht gevraagd voor historisch besef van de Dodendraad. Deze grensversperring werd 100 jaar geleden afgebroken.

Vluchten
Veel Belgen vluchtten aan het begin van de Eerste Wereldoorlog naar het neutrale Nederland om een veiliger onderkomen te vinden. Aan het begin van de oorlog kon het vluchten nog via een van de veerponten, zoals de veerpont tussen Meeswijk en Berg aan de Maas, dat nog steeds bestaat. Maar de Dodendraad bracht daar verandering in. De Dodendraad was een elektrische hekwerk op de Belgisch-Nederlandse grens. Deze moest Belgische oorlogsvrijwilligers, vluchtelingen, spionnen, Duitse deserteurs en smokkelaars tegenhouden. Dit hek maakte vluchten moeilijker, maar niet onmogelijk. Omdat de Dodendraad niet door het water gespannen kon worden, was het op enkele plekken langs de rivier mogelijk om ongezien onder de draad door te glippen en zo de grens over te steken naar de dorpen Meers en Maasband. Toch maakte de Dodendraad meer dan 1000 slachtoffers.

Herdenken
Dit jaar is het 100 jaar geleden dat de wapenstilstand werd getekend en daarmee kwam ook een einde aan de Dodendraad. Om de slachtoffers te herdenken, wordt de dodendraad ieder (voor)jaar tot leven gewekt met een bijzonder lint van witte krokossen. In totaal worden langs de Dodendraad zo’n 150.000 witte krokussen geplant door schoolkinderen en vrijwilligers van het Drielandenpunt tot aan Cadzand.

Wethouder Gina van Mulken: ‘Dit 350 km lange landkunstwerk vraagt langs de landgrens op indrukwekkende wijze aandacht voor de (lokale) geschiedenis. Ik vind het bewonderenswaardig dat zoveel scholieren zich actief inzetten om dit stuk historie levend te houden en de lessen die we hiervan leren door te geven aan volgende generaties.”